Van ballenbak tot transcendentie… gewoon een dagje in het onderwijs

Wat een dag weer, in het onderwijs. We zijn weer in volle kracht op pad, de raderen draaien, de gang zit er in. Na een welverdiende vakantie die eigenlijk geen vakantie mocht heten, want: huizenjacht, is deze week het studieleventje van Meester Ben weer van start gegaan.

Hoewel, eigenlijk is het al drie weken geleden begonnen, met de – vrijwillige – start op de nieuwe stageplek. Na dag 1 (namen leren) stond vorige week dag 2 op het programma, waarop ik met een verantwoorde vragenlijst de 27 leerlingen in mijn groep 6/7 leerde kennen. En iets nieuws deed, namelijk voorlezen! Een hoofdstukje Carrie Slee, dat ik met slechts één versprekinkje voorlas. Voorleeskampioen zal ik er nog niet mee worden, maar het was een begin.

Week drie op de stage was een feestje, want vandaag gingen we op schoolreis! Vier bussen vol naar Duinrell, want volgens de reclame ‘kikker je daar van op’. De kinderen uit groep 6 en 7 zijn zo oud dat ze zelf in groepjes door het pretpark mogen struinen, dus ik was ingezet als begeleider van zes kindjes uit groep 4. Dus daar ging ik, met Sara, Daniël, Mourad, Colin, Joey en Roza. Zes nieuwe gezichtjes die ik in een park vol rennende kiddo’s bij elkaar moest zien te houden. Een microseconde had ik een angstbeeld: laat ik alsjeblieft niet op mijn allereerste schoolreis als meester een kindje kwijtraken in het pretpark. En dat door het park omgeroepen zou worden ‘Wil Meester Ben zo snel mogelijk Joey ophalen, die hij moederziel alleen en huilend bij de ballenbak heeft achtergelaten!’

Gelukkig werkte de afspraak die ik met het zestal maakte om vooral bij elkaar te blijven en op elkaar te letten. En wonderwel lukte het zelfs om ervoor te zorgen dat ieder kind in de attracties kon die hij of zij wilde. Al snel merkte ik dat je niet moet vragen: ‘waar willen jullie heen?’ want dan krijg je zes verschillende attracties naar je hoofd geslingerd. Het ging me te ver om zes kinderen van 7, 8 jaar de grondbeginselen van de democratische besluitvorming uit te leggen, maar ‘de meeste stemmen gelden’ is zelfs in Jip en Janneketaal duidelijk. En dan heeft Meester Ben bij 3-3 de beslissende stem.

Het grappige was dat de kinderen na iedere nieuwe attractie riepen: dit was de leukste! En bij de volgende: ‘nee, dit was de leukste!’ en bij de derde ‘dit was echt de leukste!’.
En wat helemaal leuk is, is dat in een park met superspannende en superenge achtbanen en Falcons en hoe die dingen ook allemaal mogen heten, Mourad aan het eind zei: de ballenbak vond ik het leukst.

Na een uitputtend dagje Duinrell zat het er nog niet op voor Meester Ben, die door zijn groepje op een gegeven moment slim en gekscherend Mr. Bean werd genoemd…
Nee, na een terugtocht in de bloedhete bus met chauffeur Mark (die ik zelfs nog kende uit mijn studentenbijbaan als taxichauffeur) moest ik nog in de file naar Utrecht, waar de allereerste college-avond van het nieuwe Pabo-jaar op het programma stond. En dat was me even een overgang…

Op het programma stond namelijk de eerste les GLV, ofwel godsdienstige en levensbeschouwelijke vorming. Boeiend, dat zeker. Maar de overgang van ‘ballenbak’ naar ‘transcendentie’ was wel een bijzondere. Op zich heb ik in al mijn opleidingen best veel levensbeschouwelijke vakken gevolgd. Heel interessant. Maar wat mij het meest is bijgebleven is een grappige opmerking van klasgenoot Lotte. “Dus als je in jezelf gelooft, ben je ook religieus?”
Waarop ik gevat reageerde “In jouw geval is dat het Lott-isme…” Ja, het schooljaar is vers, de scherpte is er nog. Over de les GLV kan en ga ik vast nog eens een aparte bijdrage aan dit log schrijven. Voor nu voert dat te ver.

Om deze bijdrage af te sluiten wil ik nog even iets leuks delen met de rest van de wereld. De les ging onder meer over rituelen en symbolen. En wist u dat het apestaartje, de @, veel ouder is dan menigeen denkt?

Ik citeer van de website www.digiden.nl:

“Het at (@) symbool, ook wel apestaart of amfora genoemd, dateert uit de 16de eeuw en was een inhoudsmaat. Een amfora stond voor 26 liter. Het symbool is ontstaan in een Italiaans koopmansschrift. In de loop der eeuwen is de betekenis in Europa veranderd naar ‘tegen de prijs van’ om de stukprijs aan te duiden. In de jaren 70 is koos de computer-ingenieur Ray Thomlinson het apestaartje in de aanduiding voor e-mail adressen. Ray Thomlinson werkte aan het ARPANET project, wat later uitgroeide tot het Internet. Het @ symbool wordt (bijvoorbeeld op twitter) ook regelmatig gebruikt om aan te duiden voor wie een boodschap bedoeld is (@ontvanger). Ook wordt het het symbool gebruikt om aan te duiden waar iemand zich bevindt (@Home).”

Ik bedoel maar. Tot zover deze iets langere bijdrage dan normaal. Her en der kreeg ik een opmerking dat mijn weblog in mijn eerste halfjaar niet erg regelmatig en niet erg vaak verscheen. Mijn goede voornemen vanaf nu is die regelmaat wel te leveren. Hoop ik… Want, zoals het ook als journalist geldt, kan er wel eens een inspiratieloze dag voorbij komen, zo nu en dan. Volgende keren zijn ze wellicht weer korter en krachtiger. Tenminste, als mijn vingers geen eigen leventje gaan leiden op het toetsenbord en er van de hak op de tak springend toch weer een lang verhaal ontstaan. Daarvoor bied ik vooral alvast mijn excuses aan…